Laatste dagen aan de andere kant van de wereld

Heenreis

Seoul

Auckland

Rotorua

Wellington

Hutt Valley

South Island

Terugreis

 
   

Weer een "gewone" woensdag. De trap in de tuin is heel gebleven tijdens alle regens. Wim heeft een andere auto gekocht, nu kan de hond makkelijk achterin. Laat in de ochtend fiets ik naar Lower Hutt. Na enig zoeken vind ik de winkel die Sonia mij uitgelegd heeft. Vrijwel meteen zie ik de naaimachine die ik voor Anne-Marie wil kopen. Vooral de automatische draaddoorsteker spreekt mij aan, ik begin slechter te zien. Toch ga ik nog naar een andere winkel. Daar hebben ze niets opvallends. Dat maakt de keuze niet moeilijk. Dus terug naar de eerste winkel en de koop sluiten. Nu nog iets verzinnen om het gevaarte in Stokes Valley te krijgen. Een andere verkoopster, werkt alleen 's morgens, wil vast wel de machine morgen bezorgen. Ze woont in Stokes Valley. Als ik morgenochtend opbel dan maken we een afspraak. Ik laat de doos onherkenbaar inpakken. Volledig tevreden over deze aankoop fiets ik naar Petone. Misschien is mijn werk al gebakken. Toevallig is Helen er ook. Ze is ontzettend blij mij te zien. Vertelt aarzelend dat ze zich niet aan mijn aanwijzingen voor het glazuur van mijn tweede moddermonster heeft gehouden. Uitvoerig verteld zij waarom en wat ze wel gedaan heeft. Het glazuur is erg mooi geworden, verzekert zij mij. Vol verwachting ga ik naar de tentoonstelling waar mijn moddermonsters zijn geëxposeerd. In een obscuur bovenzaaltje staat een overdaad aan goedbedoelde uitingen van creativiteit. Ik probeer niet te kritisch te zijn. Het tweede moddermonster ziet er prima uit. 's Avonds bel ik Helen op om haar gerust te stellen. [^]

Al vroeg komt Saskia mij halen. We gaan golfen. We rijden naar Makara, huren een golfuitrusting, kopen vier balletjes en zoeken een paar tees. Saskia legt mij de beginselen uit. Voeten uit elkaar, loodrecht op de richting gaan staan, flink doorzwaaien, naar de bal kijken. We besluiten niet te wachten op de jongemannen die zojuist zijn aangekomen, ze maken nog geen aanstalte om te gaan spelen. Saskia slaat eerst. Dan ben ik. Samen met een stukje grasveld vliegt het balletje de goede richting in, stopt redelijk dicht bij de gemaaide cirkel. Niet slecht voor een eerste slag. Ik stop het stukje grasveld terug en begin aan mijn ronde langs de holes. Mijn tweede slag brengt het balletje bijna weer terug bij het begin. Niet altijd doorzwaaien, slag aanpassen aan de afstand. Saskia en ik hebben veel plezier. Geen balletjes kwijtraken wordt een belangrijk doel voor mij. Dus moet ik de gorse (die erg prikt) in om twee balletjes terug te krijgen. Mijn behoefte aan balletjes wordt extra bevredigd als ik bij de negende hole zomaar eentje zie liggen. En dus opraap. Terwijl we spelen komt een man zoekend de baan op. Oeps, dat was blijkbaar zijn balletje. Ik schaam mij dat ik zo gretig ben. Terloops gooi ik het balletje weer op het veld terwijl hij de andere kant op kijkt. De man vindt het en gaat gelukkig terug naar de naastliggende oefenbaan. De 9 holes baan is meer dan genoeg voor ons, we zijn bekaf. Tevreden over onze prestaties rijden we naar Lower Hutt. Daar maakt ik eerst foto's van mijn tentoongestelde beelden. Ze zullen in Nieuw Zeeland blijven, de foto's is alles wat ik mee terug neem. Daarna gaan we naar de Dutch shop. Ik koop pepernoten, speculaasbrokken, taai-taai, drop en Haagse Hopjes om te trakteren vanavond en morgenochtend. Tenslotte halen we de nieuwe naaimachine op. Met Anne-Marie hebben we in Dowse Museum afgesproken voor een afternoon tea. Mijn spullen worden naar haar auto verhuisd. Ze vraagt niets over de grote doos. Thuisgekomen geef ik 'm aan haar. Als ze de naaimachine uitpakt is ze volledig verrast en hartstikke blij. Begrijpen doet ze het niet: ik kom naar hen, maak een trap in de tuin en geef ook nog zo'n cadeau. Hoe kan ik uitleggen dat zij iets onbetaalbaars voor mij doet? Tijdens het avondeten besef ik door Anne-Marie dat ik niet dinsdag, maar al maandag vertrek. Dat scheelt een hele dag. Ik heb zo de overtuiging gehad dat ik op dinsdag zal vertrekken. Ik ben helemaal ontdaan door deze nieuwe realiteit. 's Avonds is mijn laatste pottery-class. Ik krijg een kaart met allemaal lieve opmerkingen. De nederlandse traktaties bevallen goed. Fred kan morgen niet mee gaan fietsen, hij heeft een andere verplichting. [^]

Vrijdagochtend half negen, ik fiets naar Petone voor mijn laatste class in Nieuw Zeeland. Iedereen vraagt hoe mijn tocht over het South Island is geweest. Voor de foto's op mijn laptop is al snel geen belangstelling meer. Degene die voor de morning-tea zorgt moet ook melk meebrengen, en dat ben ik dus vandaag. Heb ik niet gedaan! Gelukkig is elders melk te regelen. Ik vertel dat het snoepgoed Nederlands is. Iedereen smult ervan, de drop wordt buitengewoon gewaardeerd. Ik krijg nog planten voor de tuin en glazuur nog het derde moddermonster en kleine objecten: het tweede vogelbad, een onbruikbaar vaasje en het kabouter-moddermonster-huisje. Fred nodigt mij uit voor zondagochtend, de Thorndon fair. Ik zeg ja, mijn eerste uitnodiging. Hij zal mij zondagochtend komen halen. Anne-Marie organiseert zondag een feestje, Wim is jarig en ik ga weg. Ik vraag Sonia en Sue om zondagavond voor dessert met koffie naar Stokes Valley te komen. Helen heb ik gisteren al gevraagd. Sue kan niet. [^]

Vandaag maken Anne-Marie en ik samen een tocht. Eerst gaan we naar een emoe- en blueberry farm. Anne-Marie kent de eigenaar via haar school. We krijgen een rondleiding. De jonge emoetjes zijn schattig, hebben een prachtige tekening. De volwassen emoes hebben wonderbaarlijk mooie ogen en bijten hard, zoals Anne-Marie ontdekt. Naast allerlei wetenswaardigheden vertelt de eigenaar ook dat emoes soms plotseling in de wei op en neer beginnen te rennen. Doordat sommigen harder gaan dan anderen ontstaat een situatie waarin ze op elkaar inrennen. In de veronderstelling een botsing te kunnen voorkomen doen beide emoes hun koppen opzij en rennen vervolgens keihard tegen elkaar op. Versufd en verdwaasd krabbelen ze vervolgens weer overeind, niet begrijpend wat er gebeurd is. We gaan verder naar de beeldentuin, Efil Doog (omgekeerde van Good Life). Alles is hier prachtig! Dit gebied is door een echtpaar in de loop van 20 jaar omgetoverd tot een voortdurende belevenis. In een kleine tentoonstellingsruimte, halverwege het terrein mag de entree betaald worden. Schoenen uit, sloffen staan klaar, en de bel luiden. Terwijl kapitale schilderijen en zeldzame tekeningen aan de muur hangen komt de eigenares pas na zo'n 15 minuten. We kunnen sap krijgen en ze vertelt uitgebreid over de tentoongestelde collectie. Als ik noem dat ik beeldend kunstenares ben vindt ze meteen dat ik haar echtgenoot moet leren kennen. Ze stuurt ons in de richting van de nieuwe bonsai tuin. Daar zoekt de heer des huizes ons op. Hij neemt ons mee door de hele tuin, vertelt bij ieder beeldhouwwerk de geschiedenis. Allerlei leuke anekdotes krijgen we te horen. Zeker een uur loopt hij met ons door de tuin. Het donkere bos ligt vol met grappige koppen, door hemzelf gemaakt. Dan komt zijn vrouw vertellen dat iemand op hem wacht. We hijgen nog een uur na van alle informatie die we gekregen hebben. Inspirerend om mensen zo op te zien gaan in een doel. Na nog wat rondkijken gaan we weer naar de auto. We rijden naar Stagland en gaan zitten bijkomen met een groot bord potato-wedges. Dan gaan we weer naar huis door dit prachtige landschap. Thuisgekomen ga ik van mijn strandvondsten kleine sculptures maken. Die wil ik morgen aan de gasten cadeau geven. Aan het einde van de avond staan verspreid in de woonkamer allerlei bizarre vormen. De hond vindt de wervelbotten aantrekkelijk. [^]

Zondagochtend, een klop op de deur. Ik doe open, goedemorgen hoor ik in het nederlands. Fred komt mij ophalen. We rijden eerst naar Lower Hutt, naar zijn moeder. Beelden van de tentoonstelling worden afgeleverd. Ik zie mijn drijfhouten paardje in de gang staan. Dan door naar zijn zus, iets verderop. Terwijl ik wacht realiseer ik mij dat ik de school van Anne-Marie van hieruit zou kunnen zien liggen. Ik pak mijn camera en loop naar beneden tot ik een goed zicht heb op de school. Daar maak ik een paar opnamen. Terug bij de auto is Fred inmiddels met zijn zus en haar kinderen tevoorschijn gekomen. We maken eventjes kennis. Dan weer verder, naar het nieuwe huis van Fred. Het blijkt aan de voet van een stijle betonnen heuvelwand te liggen. En aan de voorkant rijden, hoog boven straatniveau, auto's op een snelweg. We lopen naar Tironaki road, naar de Thorndon fair. Het is net zo iets als het Vruchtenfestival, thuis in de Appelstraat: allerlei mooie en minder mooie spulletjes zijn te koop. Hier is veel handgemaakte huisvlijt. Ik ontmoet diverse vrienden van Fred. We gaan in een italiaanse eetgelegenheid iets drinken. Eigenlijk hebben we elkaar niets te vertellen. Dan moet hij weg om een potentiele flatmate te zien. We treffen elkaar later weer, de flatmate is perfect. We lopen langs de kraampjes en proberen zo min mogelijk last van elkaar te hebben. 's Middags zet hij mij af aan het station in Petone. Ik mis net de trein omdat ik nodig naar de toilet moet. Na een uur wachten heb ik de volgende trein. Dan weer wachten op de bus. Eindelijk ben ik terug. Ik maak nog foto's van het huis van Anne-Marie en Wim, vanaf de heuvel boven hun huis. Anne-Marie is volop bezig met het maken van desserts: pavlova, tartlets, chocolade mousse (op mijn verzoek), fruitsalade en meloen. Saskia is er ook. We proberen Anne-Marie niet in de weg te lopen. Ik trek mijn nieuwe kleurige broek aan. Joanna komt als eerste. Daarna komen Stan en Kate. Pierre, die samen met zijn vrouw Ruth komt, heeft voor mij een zelfgedraaid houten onderzettertje meegebracht. Sonia komt als laatste, zij heeft wat problemen met de voeding van haar baby. Helen verschijnt niet meer. Het wordt een geanimeerde avond. Stan, werkzaam in een fotozaak, vindt mijn foto's erg mooi. Hij raadt mij aan ze beschikbaar te stellen voor gebruik door derden. Als iedereen afscheid neemt, mogen ze een sculptuurtje kiezen, mijn afscheidscadeautje. De hond heeft er vanochtend twee vernield, dus de keuze is beperkt geworden.[^]

Maandagochtend, vandaag ga ik weer aan de grote oversteek beginnen. Ik pak mijn rugzakken en de extra koffer die ik te leen heb gekregen. Saskia zal 'm mee terugnemen. Kleren worden drooggestreken, veel van mijn "juwelen" blijven achter. Ik verpak mijn spulletjes diverse keren, kan niet goed bedenken wat het meest handig is. Telefonisch contact met Korean Air confronteert mij met het bericht dat ik over Frankfurt terug ga vliegen, en niet over Parijs. Ik mopper dat mijn toch al lange reis daardoor nog langer wordt. Ter compensatie mag ik van Auckland naar Seoel businessclass reizen. Wel moet ik nog mijn ticket regelen in Seoel. Ik verstuur mijn laatste e-mails. Dan nog wachten. Anne-Marie en Wim brengen mij naar het vliegveld. Alweer afscheid nemen! Eigenlijk wil ik niet weg. Dank je wel, mijn lieve grote zus!! Ik zwaai en zwaai en zwaai, draai mij nog een keertje om en zwaai. [^]

[Heenreis] . [Seoul] . [Auckland] . [Rotorua] . [Wellington] . [Hutt Valley] . [South Island] . Laatste dagen . [Terugreis]

       
     
emailen